<< Terug naar artikels
Arbitrage en bemiddeling
- 22 -
maart
2015

Alternatieve geschillenbeslechting



Bemiddeling en arbitrage zijn twee vormen van alternatieve geschillenbeslechting. Het is een alternatieve methode, wat wil zeggen dat het conflict niet in de rechtbank wordt beslecht en dat heeft voordelen:

  • in beginsel wordt sneller tot een oplossing gekomen;
  • de kosten zijn meer beperkt;
  • er bestaat meer discretie aangezien er geen publieke debatten aan te pas komen zoals tijdens de gerechtelijke procedure, en bovenal;
  • er is geen winnaar en verliezer, maar wel twee winnaars.

Bemiddeling en arbitrage zijn twee erg verschillende methodes.

1. Bemiddeling

Bemiddeling komt neer op een gestructureerde onderhandeling tussen twee partijen, en dat onder begeleiding van een neutrale derde. De bemiddelaar poogt daarbij de partijen te informeren, te verzoenen en vrijwillig een bemiddelingsovereenkomst te laten tekenen. Hij/zij zal nadien de uitvoering van deze overeenkomst, die de afspraken omtrent de bemiddeling en de wederzijdse plichten inhoudt, coördineren en in goede banen leiden. De bemiddelaar poogt de partijen zelf tot een akkoord te doen komen.

De onafhankelijke bemiddelaars kunnen worden erkend door de FOD Justitie indien zij voldoen aan de volgende voorwaarden:

  • de nodige opleiding hebben gevolgd (en nadien voldoen aan de vereisten van de permanente vorming);
  • beschikken over de vereiste kwalificaties met betrekking tot de aard van het geschil;
  • onafhankelijk en onpartijdig zijn;
  • geen veroordelingen of disciplinaire of administratieve sancties hebben gehad die onverenigbaar zijn met de erkenning.

Velen van deze erkende bemiddelaars werken bovendien samen met Belmed, het online platform voor alternatieve geschillenregeling van de FOD Financiën.

Indien de bemiddelaar is erkend, kan het bereikte akkoord op verzoek van de partijen door de rechtbank gehomologeerd worden en wordt ook de verjaring geschorst vanaf de datum van de bemiddelingsovereenkomst. Rechtsbijstand kan dan eveneens worden verleend.

2. Arbitrage

Ieder geschil van vermogensrechtelijke aard kan het voorwerp van een arbitrage uitmaken. Niet-vermogensrechtelijke geschillen die vatbaar zijn voor dading, kunnen eveneens het voorwerp van een arbitrage uitmaken (art. 1676 Ger.W.).

De voorzitter van de rechtbank van eerste aanleg zetelend zoals in kort geding stelt de arbiter(s) aan (of vervangt ze) en dit op eenzijdig verzoekschrift van de meest gerede partij.1 De partijen mogen wel de arbiter(s) aanwijzen. De arbitrageprocedure wordt ook verder door de rechtbank gecoördineerd.

Arbitrage is evenwel enkel mogelijk indien de partijen dit eerst schriftelijk aanvaardden: na het ontstaan van het geschil of voordien indien in de initiële overeenkomst een arbitrageclausule werd opgenomen.

De procedure zelf kan mondeling of schriftelijk gebeuren, met of zonder vertegenwoordiging (advocaat of andere persoon), en is aan strikte termijnen onderworpen. Niettegenstaande elke andersluidende overeenkomst moeten de partijen op voet van gelijkheid behandeld worden en moet elke partij alle mogelijkheden hebben om haar rechten, middelen en argumenten te doen gelden met inachtneming van het beginsel van de tegenspraak (art. 1699 Ger.W.).

De arbiters, of het college van arbiters indien er meerdere zijn, dient zijn beslissing op papier te zetten en te ondertekenen. Hij/zij en dus niet de partijen, nemen de beslissing. Een kopie wordt naar elk van de partijen en de griffie gestuurd.

Bij arbitrage zal de onafhankelijke arbiter(s) het geschil met een definitieve uitspraak beslechten. Tegen die beslissing is geen hoger beroep mogelijk tenzij de partijen deze mogelijkheid hebben voorzien in de arbitrageovereenkomst. In beginsel moet dan hoger beroep worden ingesteld binnen een maand vanaf de mededeling van de arbitrale uitspraak. (art. 1716 Ger.W.).

Indien één van de partijen nalaat de uitspraak uit te voeren, dan kan de andere partij de voorzitter van de rechtbank van eerste aanleg verzoeken de tenuitvoerlegging af te dwingen.

3. Andere alternatieve regelingen

Op initiatief van de overheid bestaan voor gereguleerde sectoren ook ombudsdientsten die gratis tussenkomen in commerciële geschillen. Hun advies is evenwel niet bindend. Het betreft volgende sectoren: financiële sector en het treinvervoer alsook de energie- post-, telecommunicatie- en verzekeringssector. Ook de privé-sector heeft initiatieven genomen teneinde een alternatieve geschillenregeling te voorzien in de bouwsector en die voor tweedehandsvoertuigen. Hun hoofddoel is tot verzoening te komen. Er bestaan tenslotte ook 3 arbitragecommissies en dat in de meubel-, reis- en textielreinigingssector. Hun beslissingen zijn wel bindend voor de partijen.

De ombudsdiensten, verzoeningscommissies en geschillencommissies moeten zijn aangemeld bij de Europese Commissie. Ze zijn gekwalificeerd en moeten dus steeds aan de volgende wettelijke voorwaarden voldoen: onafhankelijkheid en onpartijdigheid, de vrijheid van de partijen, deskundigheid, billijkheid van de procedure en transparantie. De dienst Alternatieve Geschillenoplossingen en Guidance van de Algemene Directie Economische Inspectie van de FOD Economie houdt hierop toezicht.


1 Tegen de beslissingen tot aanstelling of tot vervanging van de arbiter kan geen rechtsmiddel worden ingesteld. Evenwel kan tegen deze beslissing hoger beroep worden ingesteld wanneer de voorzitter van de rechtbank van eerste aanleg besliste om geen aanstelling te doen (art. 1680 Ger.W.).