<< Terug naar artikels
Boekhouden en fiscaliteit
- 11 -
december
2015

Niet-neerlegging van de jaarrekening: wat zijn de gevolgen?



Ten laatste zes maanden na de afsluiting van het boekjaar moet het bestuursorgaan de jaarrekening ter goedkeuring aan de algemene vergadering voorleggen. De neerlegging van de goedgekeurde jaarrekening bij de Balanscentrale van de Nationale Bank moet dan binnen de dertig dagen, én ten laatste zeven maanden na de afsluiting van het boekjaar, gebeuren.

Legt de vennootschap haar jaarrekening niet (tijdig) neer, dan riskeert ze in het KBO te worden doorhaald, een burgerlijke en/of een strafrechterlijke sanctie te worden opgelegd en zelfs gerechtelijk te worden ontbonden. Uitstel is niet mogelijk.

 

Ambtshalve doorhaling van de inschrijving in het KBO

Sinds de invoering van de wet van 15 juli 2013 houdende dringende bepalingen inzake fraudebestrijding, kan de beheersdienst van de Kruispuntbank van Ondernemingen (KBO) overgaan tot de ambtshalve doorhaling van de vennootschappen die reeds drie opeenvolgende boekjaren niet hebben voldaan aan de verplichting tot neerlegging van hun jaarrekeningen.1Dit gebeurt ambtshalve, dus zonder noodzakelijk vooraf de onderneming te hebben gehoord of geïnformeerd.

Ondanks de doorhaling blijft de vennootschap wel rechtsgeldig bestaan. De gevolgen zijn drieërlei:

  • Om een economische activiteit te kunnen uitoefenen, dient men ingeschreven te zijn in het KBO. Zijn de activiteiten doorhaald, dan pleegt men een strafrechtelijke inbreuk op deze regel die wordt bestraft met geldboete van 100 tot 10.000 EUR en/of een gevangenisstraf van één maand tot zes maanden (art. 62, §5 KBO-Wet);
  • Negatieve publiciteit aangezien de doorhaling ook wordt gepubliceerd in de bijlagen van het Belgisch Staatsblad;
  • Een onderneming die een vordering inleidt voor een rechtbank dient ingeschreven te zijn in het KBO. Na de doorhaling zal elke vordering van de betrokken vennootschap aldus van ambtswege onontvankelijk worden verklaard (art. 14, 2e lid KBO-Wet).

 

Burgerlijke sanctie

Lijdt een derde schade door de niet-neerlegging van de jaarrekening, dan kan die een schadevergoeding vorderen (fout, schade en oorzakelijk verband). De derde moet in dit geval enkel zijn schade aantonen (niet bewijzen) want, behoudens tegenbewijs, wordt die geacht voort te vloeien uit de niet-neerlegging van de jaarrekening binnen de wettelijk gestelde termijn. De bewijslast werd dus omgedraaid: wil de vennootschap aan de schadevergoeding ontsnappen, dan dient ze te bewijzen dat de niet- of laattijdige neerlegging van haar jaarrekening de door een derde ingeroepen schade niet heeft veroorzaakt.

 

Gerechtelijke ontbinding

Laat de vennootschap gedurende 3 jaar na om haar jaarrekening neer te leggen, dan kan de Rechtbank van Koophandel, op vraag van iedere belanghebbende of van het openbaar ministerie, de vennootschap onmiddellijk dagvaarden en de ontbinding uitspreken.

Vennootschappen die hun jaarrekening niet tijdig neerlegden – maar dat (nog) niet gedurende 3 jaren – worden in gebreke gesteld en krijgen een strafrechtelijke geldboete tot 500 euro. Nemen zij niet de nodige stappen om de jaarrekening alsnog neer te leggen, dan wordt een financieel onderzoek gestart.

 

Rechtzetting

Wordt de jaarrekening nadien desalniettemin nog laattijdig neergelegd, dan moet op dat moment een bijkomende boete (bovenop de gewoonlijke kosten voor openbaarmaking van de betrokken jaarrekening) worden betaald die afhankelijk wordt gesteld van de datum van neerlegging en de grootte van de onderneming (art. 101 lid 5 W.Venn.):

  1. vanaf de eerste dag van de negende maand na de afsluiting van het boekjaar:
    • Kleine vennootschappen (jaarrekening volgens het verkort schema): 120 euro;
    • Andere vennootschappen: 400 euro.
  2. Tussen tien en twaalf maanden na de afsluiting van het boekjaar:
    • Kleine vennootschappen (jaarrekening volgens het verkort schema): 180 euro;
    • Andere vennootschappen: 600 euro.
  3. Langer dan 1 jaar na de afsluiting van het boekjaar:
    • Kleine vennootschappen (jaarrekening volgens het verkort schema): 360 euro;
    • Andere vennootschappen: 1.200 euro.

De Nationale Bank zal dit bedrag doorstorten aan de FOD Financiën.

Het KBO zal na neerlegging van de jaarrekening(en) de doorhaling inttrekken, wat vervolgens eveneens in de bijlagen van het Belgisch Staatsblad zal worden gepubliceerd.


1 De ambtshalve doorhaling is niet van toepassing op kleine vennootschappen die de vorm hebben aangenomen van een VOF, een gewone Comm.VA of een CVOA, noch op de VOF, de gewone Comm.VA of de CVOA waarvan alle onbeperkt aansprakelijke vennoten natuurlijke personen zijn  (art. 25bis, §1, 4° KBO-Wet en art. 97 W.Venn.).